Rekenen: achtergrond

 

Het doel van het rekenonderwijs is functionele gecijferdheid: het ontwikkelen van bruikbare kennis en vaardigheden op het gebied van rekenen en wiskunde. De Europese Commissie omschrijft geletterdheid en gecijferdheid als kerncompetenties van (jong) volwassenen om te kunnen functioneren in de maatschappij. Dit is meer dan alleen technische rekenwiskundige vaardigheid. Ook in dagelijkse situaties wordt er gerekend, bijvoorbeeld bij het berekenen van de nieuwe prijs na korting.

Het leren rekenen verloopt in een vaste volgorde, van informeel handelen (de werkelijkheid, bijvoorbeeld bij de tafel van 4 lopen we naar de parkeerplaats en tellen hoeveel wielen 6 auto’s hebben) naar formele berekeningen (de kale som, 6×4=).

 

Rekenen bestaat uit 4 hoofdlijnen: begripsvorming, ontwikkelen van oplossingsprocedures, vlot leren rekenen en flexibel toepassen van kennis en vaardigheden in de volgende domeinen:hoofdlijnen

Getallen en Bewerkingen Verhoudingen Meten en meetkunde Informatieverwerking
getallen, getalstructuren, eigenschappen en bewerkingen zoals tellen optellen aftrekken, vermenigvuldigen en delen relaties tussen getallen (zoals 24 is 2 keer zoveel als 12, maar ook 4 keer zoveel als 6), breuken, decimale getallen en procenten. metriek stelsel, geld tijd en kalenderkennis en vaardigheden op het gebied van ruimte vormen en patronen gegevens ordenen, analyseren, verwerken, interpreteren, daarover discussiƫren en beslissingen nemen.